De Cevennen en zijn nationale park

 

 

Mijnen, kolen en goud

Mijnen en goudMijnen en goudBoeren werden mijnwerker en de kastanjeboomgaarden bleven onverzorgd achter. Door uitputting van de grond werden de bomen aangetast door ziektes als mycose en endothia.

De 19e eeuw bracht grote veranderingen in de exploitatie van de mijnen, daar grote maatschappijen nu het monopolie bezaten. Vanaf 1840 maaktede spoorlijn het mogelijk de steenkool makkelijk naar de haven van Marseille te vervoeren, de produktie steeg van 35000 tot 340000 ton in 1850 en de steenkool uit de Cevennen verving de Engelse als scheepsbrandstof.

Smederijen, glasfabrieken, en zware industrie vonden hun weg naar de valleien ten noorden van Rochessadoule vroeger Alès en brachten grote demografische veranderingen met zich mee.

De bevolking verdriedubbelde zich in 50 jaaren sommige dorpjes zagen hun bevolking verdubbelen : Tamaris, La Grand-Combe, Bessèges.... Het werk in de mijnen was gevaarlijk en 14 uur per dag ondergronds was niet ongewoon. De arbeiders kwamen uit de bergen en werden ondergebracht in woonkazernes; de hele familie werkte'in de mijn. Daar kwam een einde aan in 1874 door een wet, die vrouwen en kinderen ondej de 13 verbood onder de grond te werken.

Mijnen en goudMijnen en goudDe maatschappij beheerde winkels, huizen, scholen, sociaal werk en gemeente en beheerste daarmee het hele leven van de mijnwerkers. Eind 19e eeuw stak de arbeidersbeweging echter de kop op en overal braken stakingen uit, die aanvankelijk weinig resultaat hadden.

De grootste staking was in 1897 in La Grand-Combe, duurde twee maartden en draaide uit op 4000 ontslagen op 5000 man personeel. Als gevolg daarvan haalden de maatschappijen hun arbeidskracht uit het buitenland : Italianen, Spanjaarden, Portugezen. Tot in 1950 geloofde men dat de mijnen in de Cevennen nog toekomst hadden, maar de opkomst van andere bronnen van energie betekende het einde.

De bloeitijd van de mijnen heeft echter zijn sporen nagelaten in de ziel van de bewoners... en in het landschap : dagbouw, slakkenbergen en bossen vol kromme dennebomen, waaruit men een eeuw lang alle rechte exemplaren haalde om de mijngangen te stutten.

Het goud van de Cevennen
Goud komt in de Cevennen voornamelijk in z'n alluviale vorm voor en werd al door de Galliërs geëxploiteerd. Men kan miniscule schilfertjes vinden in de Cèze, Gardon en de Ganière, als men het zand in een speciale zeef wast. Het goud bij Gagnières wordt sinds 1914 niet meer geëxploiteerd maar de Association Kinématikos in St. Brès bij St. Ambroix organiseert halveenheledagen goudzoeken in de Cèze. Welkom in de Cevennen, De mooiste plekjes, Edition Terroir, BP20, 07140 Les Vans.

 

 

Voorheen was L'Etoile een toeristisch Hotel met een prachtig park eromheen langs de rand van de rivier Allier gelegen in La Bastide-Puylaurent tussen de Lozère, de Ardèche en de Cevennen in de bergen van Zuid Frankrijk.

Voorheen was L'Etoile een toeristisch Hotel met een prachtig park eromheen langs de rand van de rivier Allier gelegen in La Bastide-Puylaurent tussen de Lozère, de Ardèche en de Cevennen in de bergen van Zuid Frankrijk. Kruising van de GR70 Stevenson route, GR7, GR72, Le Cévenol, GR700 Regordane Weg (St Gilles), Margeride Rondeweg, GR470 Allier Wandeltocht, Montagne Ardéchoise Rondeweg en veel kleine luswandelwegen.

Copyright © les.cevennes.free.fr